maandag 31 oktober 2011

29 oct - Rob Roy Glacier & Wanaka Springs


Beste vrienden en volgers,




We logeren in Te Wanaka Lodge, dat gerund wordt door Wayne. Het is een soort Youth Hostel, maar dan vijf graden luxer. Wil je een biertje, pak 'm uit de fridge, en zet een streepje bij je kamernummer. Wil je internetten, ga je gang en noteer hoelang je ongeveer bezig bent, en denk een beetje om je medegasten, die misschien ook even willen. Ben je aan een uur, reken vijf dollar af. Wil je een praatje pot met iemand, ga in de lounge zitten. En Wayne maakt 's morgens voor iedereen gebakken eieren met spek, en zijn koffie is 8,5 keer zo goed als bijvoorbeeld (ofwel met name) in de Kromhoutkazerne. Wayne is stevig gebouwd, kort gebroekt, lang van stof, Maori, en erg aardig. Het Youth Hostel effect wordt verkregen door dat het allemaal wat gehorig is.
Aldus gesterkt (haha) pakken we een rugzak in met: regenkleding, truien, kaarten, water, belegde broodjes, zonnebrillen, factor 30, hoeden, telefoon enz, enz. De klassieke Engelse toevoeging is: 'and the kitchensink'. We gaan wandelen bij Rob Roy Glacier.



De weg erheen is arcadisch dat wil zeggen, er is uitgebreide veeteelt, de weg is ongeplaveid, en het is er mooi. Tegen het eind zijn er wel veel fords, doorwaadbare beekjes die dwars over de weg lopen. De eerste nemen we met de auto, de volgende is zo diep dat we maar verder gaan lopen. De 4WD-wagens rijden wel gewoon door. Als ook de 4WD's niet meer verder mogen, begint de wandeling pas echt. When the going gets though, the tough get going (citaat uit de film 'Romancing the Stone'). We zitten nu vrij hoog in de bergen, het is frips, en het druppelt.
We steken de West Matukituki rivier over per zwiepende tweepersoons hangbrug, en het pad wordt laten we zeggen redelijk geaccidenteerd. Het gaat een nauw ravijn in, met aan de linkerkant een woeste gletcherstroom. Als je niet nat wordt van de regen, dan wel van het zweet. Want het is wel werken voor twee redelijk ongeoefende vijftigers. Heel wat wandelaars passeren ons fluitend. Maar wij komen er ook wel. Easy does it. Het eerste bos dat een niet-regenwoud is, is ook het eerste woud waar het daadwerkelijk regent. De bomen zijn zwaar bebaard met lichtgroen mos, en er zijn enge passages, waar het pad nogal is weggevaagd door een steenlawine, en je zomaar de gletcherstroom in kan glijden als je niet uitkijkt. Als we uiteindelijk bij de uiterste tong van Rob Roy Glacier aankomen, regent het pijpestelen, en is het miezerig koud. Toch genieten we van de voorstelling die Rob Roy voor ons in petto heeft. We staan toch nog een goede honderd meter beneden de gletchertong , wanneer een gedonder als bij een onweer losbarst. Er komen flinke stukken gletcher los, en donderen letterlijk naar beneden. Gelukkig niet op onze hoofden.







Bergaf is een makkie, het wordt droog, onze kleren ook, en het zonnetje schijnt weer. Bij het parkeerterrein ritselen we een lift van twee aardige Fransen, die ons over de fords rijden. Ze tracteren ook nog op muffins. Merci beaucoup mes amis! We zijn inmiddels wel redelijk gaar. Terug in Te Wanaka Lodge tracteren we onszelf op een sit-in in de Hot Tub van 42 graden om de spieren te ontspannen. We brengen nog een hello-bezoekje aan Wanaka Springs Lodge, ons adresje van de vorige keer, waar we met open armen worden ontvangen. We worden herkend, maar de namen zijn vergeten. Heb ik ook altijd. Daarna gaan we lekker uit eten.
O ja, de tegeltjes. In het parkje langs de oever van het meer liggen tegeltjes. Eentje per jaartal. De wereldgeschiedenis in het algemeen, en de historie van Wanaka in het bijzonder, alles in een notedop, gedoneerd door de plaatselijke middenstand en het verenigingsleven.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten