zaterdag 8 oktober 2011

08 october – Koala’s & Cape Otway Lighthouse

Beste vrienden en volgers,

De laatste dagen was het een beetje druk, vroeg opstaan, uitpakken en weer inpakken, het vliegtuig halen enz, enz. Dus mogen we vandaag Uitslapen. Er staat in de ijskast een ontbijt-hamper met muesli, vruchtenbrood en croissants voor ons klaar, het zonnige terrasje voor twee wacht op ons, en wij liggen lekker in bed tot we zin hebben om op te staan.
In de shop in Apollo Bay is eventueel een alternatief ontbijt beschikbaar.


Onze Italiaanse vrienden van het kamperen, Enrico en Chiara. gaven ons de raad om op weg naar het Otway Lighthouse uit te kijken naar koala’s. Dat was een gouden tip, want de koala’s zijn te kust en te keur te bewonderen. Alle toeristen vinden ze erg lief, al zijn sommige mannetjes verderop in het bos een beetje aan het knokken met elkaar, onder luid knorrig geknor.




Verderop staat de vuurtoren van Cape Otway idyllisch op de steile kust geplakt. Bass Strait is verradelijk en gevaarlijk met onderzeese klippen, en er zijn hier de nodige schepen met bestemming Melbourne vergaan. Vandaar dat in 1848 op deze plek een vuurtoren werd gebouwd. De beroemde clipper Cutty Sark is hier ook langs gevaren, om wol te halen in Melbourne. Je kan de vuurtoren beklimmen langs een natuurstenen wenteltrap, en een erg krap gietijzeren laatste stukje. Boven zit naast de oude kerosinelamp en de kwartslenzen een vuurtorenwachter met grijze baard en pet. Hij laat zich gewillig fotograferen en weet op alle vragen antwoord. Stap je naar buiten op de winderige rondgang, dan word je getracteerd op uitzicht op de rotsen en de branding. Bij het naar beneden gaan drukt de vuurtorenwachter je op het hart het steile wenteltrapje toch vooral backwards, op z’n ladders, af te dalen. De oude vuurtoren is niet meer in bedrijf, de nieuwe vuurtoren is een gevalletje van een meter hoog en brandt op zonnecollectoren.Verder is er nog een bunker uit WO II, van waaruit de Strait met het toen nieuwerwetse radar werd bewaakt. De Jappen lagen op de loer. Nu worden ook de Japanse toeristen gemoedelijk op zijn ladders naar beneden geholpen.




Hier in de buurt hebben vroeger aborigials gewoond, per stam een apart taalgebied. Het is hier nu vooral erg Australisch.

Maits Rest is genoemd naar de eerste boswachter van dit district, Maitland Bryan, die begin twintigste eeuw hier altijd zijn paarden liet rusten, als hij op patrouille was. Het is het beginpunt van een wandeling door het plaatselijke regenwoud met stokoude Myrtle Beeches, die honderd meter hoog kunnen worden, en overal prachtige tree ferns, varens in boomvorm, als soort onveranderd sinds de tijden van de dinosauriers. Vergeet het elfenbos in de Efteling, en kom een kijkje nemen bij Maits Rest. Als je later terug rijdt naar de kust, niet vergeten te remmen voor de black swamp wallaby. Die kijkt niet uit bij het oversteken.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten