Beste vrienden en volgers,
Vandaag een verhaal over de zoveelste zuid-halfrondelijke stad waar je straalverliefd op kan worden: Wellington. Jolanda neemt ons eerst mee naar een leuk cafe aan het water, voor een lekkere cappuccino. Ze vertelt dat ze haar man - een Kiwi - ontmoet heeft in London, en dat dit cafe hun eerste onderneming was in NZ. Later hebben ze het cafe weer verkocht. Maar ze komt er nog vaak blijkbaar. We hebben heel wat te babbelen, want we blijken gedrieen in dezelfde studentenflat te hebben gewoond in Amsterdam. De wereld is klein.
Bovenop Mount Victoria heb je een 360 graden uitzicht op Wellington en de wijde omgeving. Dat moet je van een local te weten komen, dat bedenk je niet zelf. Geweldig. Vervolgens rijdt Jolanda ons naar downtown en dropt ons bij de Parlementsgebouwen. Wellington is tenslotte de hoofdstad van Nieuw-Zeeland.
Dat is zo sinds 1865 of daaromtrend. Daarvoor was het Auckland, maar dat ligt in het Noorden op het Noordeiland, en dat vonden de Zuideilanders niet zo handig. Het kostte per boot daaagen om daar te komen. Wellington ligt wel wat centraler. Welnu, de parlementsgebouwen werden gebouwd in de toen gebruikelijke Victoriaanse neo-gothische stijl. Maar in 1907 werd een gedeelte door brand verwoest, en werd er een stuk nieuwbouw aangeplakt in de Palladian stijl. En in de jaren zestig volgde een rondvormige annex, in de volksmond toepasselijk 'the Beehive' genoemd. In de jaren negentig was er weer brand tijdens een grootschalige opknapbeurt. Toen heeft men het hele gebouw en passant maar losgezaagd van de fundering en op 400 reusachtige rubberdoppen gezet. Dit tegen het alomtegenwoordige aardbevinggevaar. Het geheel is nu een prettig allegaartje met bloeiende cabbage trees ervoor. De Kiwi's hebben, hun roots waardig, een Engels gevoel voor humor. In de merchandise shop van het parlementsgebouw zijn doosjes 'Argumints' te koop, een zelfspottende toespeling op de typische Kiwi-uitspraak van het Engels.
Het Te papa National Museum is te groot voor een middag, dus we beperken ons tot de Maori-afdeling en de moderne kunst. En de 1:1 model-vissen. En de immigratie afdeling, En de regenwoudtuin met nep-pancake rotsen. Je kan er wel drie dagen rondzwerven in dit museum.
Buiten is het goed flaneren over Taranaki Wharf. De zon schijnt gul, de wind waait ook gul.
Hoewel Seatoun best ver is vanuit Downtown Wellington, zijn we toch binnen een half uur thuis. We nemen gewoon de ferry, en nemen plaats tussen de woon-werkers die ook die kant op moeten. En je kan gewoon je fiets mee aan boord nemen als je dat wilt. De meeste mensen hebben een knipkaart, maar wij kunnen weer twee tickets toevoegen in het vakantieplakboek.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten