Hong Kong 12 september
De vlucht naar Hong Kong is niet gedenkwaardig, en dat is een groot compliment voor Cathay Pacific.
Immers ze laten je 10 uur in een vliegtuig zitten vol met mensen die je niet kent, laten je slapen op een tijdstip (17:00 uur) dat je niet schikt op een hoogte die je niet wilt en op een plek dat je denkt, nou nee.
En als je tenslotte geradbraakt en stijf het vliegtuig verlaat is het stiekum toch 7 uur ‘s morgens.
Maar geen moeite is de crew cabin te veel om het leed te verzachten. Hulde. We klappen niet bij de landing want het percentage Hollanders is te klein. En wij denken: als de banden van het landingsgestel maar niet gaan meeklappen.
Leep als we zijn, hebben we een kamer geboekt in het Regal Airport Hotel pal op de luchthaven, om even een paar uurtjes slaap te scoren voor we om een uurtje of een ‘s middags de stad in gaan. De volgende morgen zullen we uitchecken en zetten we de baggage aldaar in depot. We gaan wederom passagieren, en vliegen ‘s avonds laat richting Brisbane, en verder naar Cairns.
Geheel in Chinese stijl staat in de enorme lobby een metershoog ponton met een waterval eromheen met daarop de obligate zwarte vleugel. Doch men is gastvrij en vriendelijk, ook acht uur ‘s morgens op maandag .
Verkwikt stappen we in de Airport Express richting Hong Kong Island. Daar kan de NS nog een puntje aan zuigen . Koel, cool en binnen een half uur. De aanleg zal wel wat gekost mogen hebben.
Het is heerlijk ‘Autumn weather’, het is maar dertig graden, en de luchtvochtigheid is slechts 90 procent, en wat lopen die rare westerlingen toch te puffen en te zweten.
Speciaal om dat zweten tegen te gaan, volgen we de roltrap omhoog de stad in. Het is eigenlijk een reeks losse roltrappen aan elkaar wel een mijl lang. Je kan er dus waar je wilt af en gaan doen wat je leuk vindt: een terrasje pikken, een foto maken, even kijken bij de eerste moskee van Hong Kong (1917 en mintgroen geverfd) of struinen in bij de anticairs van Hollywood street.
De roltrap gaat wel omhoog, maar niet omlaag. Daar heb je lijn twee voor. En dus weer puffen en zweten. Als je daar genoeg van hebt is een rit door Hong Kong per dubbeldekker tram erg leuk. Het kost $2.30 per rit, kontant te voldoen bij verlaten van de tram door munten te storten in de gleuf bij de chauffeur. Nu is een Hong Kong dollar een euro dubbeltje waard, dus dat kan de kop niet kosten. Je kan natuurlijk ook betalen met de Octopus, een soort ov-chipkaart. Die trams zijn natuurlijk nog van de Engelsen en volgens mij stokoud.
Er zijn overigens ook veel loopbruggen die de verschillende( airconditioned) shopping malls met elkaar verbinden. Zo kom je ook wel door de stadse jungle. Met natuurlijk het risico dat de shopping fever toeslaat. En je alle gekochte spullen de halve aardbol mee moet slepen.
Er zijn veel hippe winkels met dure merkkleding, die gretig aftrek vindt hier. Zeemannetjes hoef je hier niet mee aan te komen. Men loopt er sjiek bij. Dat zal op het vasteland, in het eigenlijke China wellicht anders zijn.
Als het donker wordt (dat gaat hier vrij abrupt want we zitten in de tropen), begeven we ons naar Central Pier, waar we de Star Ferry naar Kow Loon nemen. De Star Ferry is een stukje nostalgie op zich. Er wordt met boten uit de jaren dertig gevaren, en laveren slingerend door de drukke Victoria Harbour. Erg leuk en erg handig. Voor de rekenaars onder ons: een token voor een enkele reis kost $2.
Vanaf het waterfront op Kow Loon heb je een prachtig uitzicht op de wolkenkrabbers van Hong Kong Island waar we net vandaan komen. Om 20:00 begint begint een klank-en-lichtspel waarbij de gebouwen blits worden verlicht met neon en een regen van groen laserlicht over de haven speelt op het ritme van de Chinese muziek. Het is er goed toeven met een blikje Carlsberg naast je. Het is dezer dagen maanfeest, en dat vier je met je hele familie en het eten van mooncake. Het is dus gezellig druk op de pier met feestelijk flanerende mensen en met net vanavond de volle maan. In het park is er voor de kinderen een exhibitie van enorme nijntje-achtige lantaarnfiguren die prachtig van binnenuit verlicht zijn.
Terug op het airport eten we nog wat erg lekkere garnalen in tomatensaus en rijst koekjes bij het Green Jade restaurant. Eten met stokjes. Je karretje met koffers worden op een afgesloten gedeelte gestald, en je krijgt een recu. Dat is nog eens valet parking! Overigens zie je hier bijna geen particuliere auto’s. Het openbaar vervoer is megagoed, en parkeerruimte is er bijna niet. En de mensen wonen in megagrote torenflats, die aan de buitenkant volhangen met rioleringbuizen en airconditioning kastjes.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten